Woningbouw

Energiezuinigheid

Thermische isolatie

In het Bouwbesluit wordt gesteld dat woningen energiezuinig moeten zijn. Door de prestatie-eis (Energie- prestatiecoëfficiënt) kan met een berekening de mate van energiezuinigheid worden bepaald. Daarnaast dient de uitwendige constructie minimaal een Rc-waarde te hebben van 2,5 m2K/W. Door steeds scherpere eisen voor de beperking van energieverbruik wordt de energieprestatiecoëfficiënt steeds lager. Een voor de hand liggende maatregel die daarbij hoort is het verhogen van de Rc-waarde naar 3,0 of 3,5 dan wel 4,0 van de diverse uitwendige constructiedelen. Dit vereist een dikkere isolatie en aangepaste detailleringen van opleggingen van begane-grondvloeren, kozijnaansluitingen en dergelijke. Ook maatregelen in de installatiesfeer dragen bij tot het verlagen van de EPC. Te denken valt aan gebalanceerde ventilatie en zonneboilers. Dit heeft weer invloed op het leidingverloop in de vloeren. Daarnaast moet ook worden voldaan aan de eisen die aan de energie-prestatie van het totale bouwwerk worden gesteld. Bij de bepaling van de energie-prestatie worden niet alleen de uitwendige scheidingsconstructies betrokken; ook de warmteverliezen door ventilatie, de bezonning en het rendement van de installaties spelen een rol. In de kwaliteitsverklaringen van bepaalde prefab betonelementen, zoals vloeren, wordt de warmteweerstand gegeven die bij een bepaalde isolatieafmeting hoort.


Isolatiemateriaal op betonnen wand

Beperking luchtdoorlatendheid

De constructie van een woning of woongebouw laat altijd wel enige lucht door. De luchtdoorlatendheid mag echter niet zo groot zijn, dat door weersomstandigheden een te grote luchtstroming in de woning ontstaat. Hierdoor kunnen onaanvaardbare warmteverliezen optreden. Plaatsen in een gevel waar een te grote luchtdoorlatendheid kan optreden, moeten extra aandacht krijgen, zoals aansluitingen van kozijnen. Prefab betonelementen moeten voldoen aan de eis voor luchtdoorlatendheid. Dezelfde eis geldt ook voor de begane grondvloer. Vooral afdichting van openingen in de begane grondvloer vereisen extra zorg. De voeg- en aansluitdetails van systeemvloeren, zoals die zijn opgenomen in het attest-met-productcertificaat, voldoen aan de gestelde eisen. Vooral de afdichtingen van leidingdoorvoeringen en de oplegging van het kruipluik moeten zorgvuldig gebeuren. Aanwijzingen voor deze afdichtingen zijn in NPR 2652 opgenomen.

Lees meer: Energiearme woningbouwconcepten

© 2015 AB-FAB - Website ontwikkeling: Wurld